De aanleg van sanitair bestaat uit verschillende onderdelen. Er zijn in een badkamer bijvoorbeeld een aantal voorzieningen. Meestal zijn dat een douche, een toilet, een wastafel en eventueel nog extra voorzieningen zoals een bad. Bij deze verschillende voorzieningen hoort ook een verschillende wijze van installatie, ofwel aanleg. Het aanleggen van een douche gaat bijvoorbeeld heel anders in zijn werk dan het aanleggen van een zwevend toilet. Bij beide voorzieningen komt ook wat leidingwerk kijken. Vrijwel iedere voorziening in de badkamer heeft één of meerdere toevoerleiding(en) nodig en daarnaast vanzelfsprekend ook een afvoerleiding voor het afvalwater. Het leggen van leidingen is een klus voor de loodgieter.

Douche

tap-572432_640Bij de aanleg van een douche komen meerdere zaken kijken. Allereerst het leidingwerk: een douche heeft twee toevoerleidingen nodig. Eén voor koud water en één voor warm water. Daarnaast moet het afvalwater via een putje of gootje worden afgevoerd. Dit gaat via een afvoerleiding van 50 á 75 millimeter naar de riolering. Daarnaast is een douche vaak betegeld en wordt er soms gebruik gemaakt van een douchecabine of bijvoorbeeld een douchedeur. Hiervoor zijn verschillende alternatieven op de markt.

Toilet

Wanneer er tegenwoordig een toilet wordt aangelegd, is dit eigenlijk altijd een zwevend toilet. Heeft men nog een staande toiletpot, dan wordt deze vaak in de loop der tijd vervangen door een zwevend model. Een zwevend toilet bestaat uit een toiletpot en een inbouwreservoir. Ook voor een toilet zijn aan- en afvoerleidingen benodigd. De afvoerleiding van een toilet heeft een grotere diameter dan bijvoorbeeld die van de douche. Meestal wordt voor de afvoerleiding van een toilet een leiding met een diameter van 90 á 110 millimeter gebruikt.